Logo Universiteit Utrecht

Utrechtse Dag van de Filosofie 2018

Sprekers

Hieronder vind je meer informatie over de sprekers en hun onderwerpen.

 

Dorothea Gädeke: What can Europeans Learn from the Philosophy of Ubuntu? (Engelstalig)

This lecture by Dorothea Gädeke (Goethe Universität)  is an invitation to engage the deeper question whether philosophy is relevant for everyday life by way of rethinking a pressing issue that Europe faces today, namely migration, from the perspective of Ubuntu.

Ubuntu is a philosophical concept that originates in Southern Africa. It places the idea of humanness at the center of philosophical thought. One of the issues at the core of many accounts of Ubuntu is the question of how to relate to strangers as the way strangers are treated is taken both as a chance and a challenge to display humanness. May the concept of Ubuntu also shed a different light on European debates on migration?

By looking at current European challenges with regard to migration from the perspective of Ubuntu, the lecture aims to raise some deeper questions about what it means to do philosophy: Can philosophy help us understand our current social and political world? Can Ubuntu be applied in a European context? Do philosophical concepts only speak to the particular historical contexts where they originated or do they articulate universal human experiences? How is philosophy related to lived experience and practice?

Graduate students and Scholars are also welcome to participate in an exclusive seminar with Dorothea Gädeke on Friday, April 20th.

Annemarie Kalis: Zelfcontrole: de zin en de onzin

Meer zelfcontrole: dat zou iedereen wel willen. Maar wat doen we eigenlijk als we onszelf controleren? Volgens de tegenwoordig gangbare opvatting moeten we zelfcontrole begrijpen als het uitoefenen van kracht: als het tegenhouden van ongewenste impulsen. Ons vermogen tot zelfcontrole wordt wel vergeleken met een spier, die sterker wordt naarmate we deze meer oefenen. In de lezing zal ik beargumenteren dat dit begrip van zelfcontrole allerlei filosofische en psychologische problemen met zich meebrengt. Aan de hand van ideeën van Aristoteles en Wittgenstein zal ik laten zien dat er ook een andere manier is om over zelfcontrole na te denken, en dat zo’n ander begrip er misschien zelfs toe kan leiden dat we er beter in worden.

Annemarie Kalis is universitair docent bij het Ethiek Instituut / Departement Filosofie en Religiestudies. Ze heeft een dubbele achtergrond in psychologie en wijsbegeerte; haar expertisegebieden zijn handelingstheorie, philosophy of mind, ethiek en morele psychologie. In 2009 verdedigde ze een proefschrift over het fenomeen akrasia ofwel wilszwakte. Kort daarna ontving ze een onderzoekssubsidie van de Volkswagen Stiftung voor haar deelname aan een interdisciplinair project over de vraag hoe mensen handelingsopties genereren. In 2014 ontving ze een NWO-VENI subsidie voor een 3-jarig onderzoek naar de metafysica van attitudes.


Johan Fretz: dagafsluiting

Johan Fretz (1985) is schrijver, theatermaker en columnist. Hij debuteerde in 2012 met de roman Fretz 2025. Tijdens de verkiezingscampagne van 2017 trad hij op in het programma Pauw & Jinek. Tevens vormde hij samen met Colet van der Ven het vertrouwde gezicht van het IKON-programma De Nieuwe Wereld. Fretz is altijd op zoek naar nieuwe inzichten en verbinding. Onlangs publiceerde hij zijn tweede boek Onder de paramariboom en momenteel staat hij in de Nederlandse theaters met zijn nieuwe voorstelling De Zachtmoedige Radicaal. Na zijn afsluiting van de Utrechtse Dag van de Filosofie brengt Fretz deze voorstelling naar de Utrechtse Schouwburg

 

DEBATTEN


Alternatieve feiten: Jeroen de Ridder, Fleur Jongepier en Jan Broersen
In de huidige tijd van Trump en Sociale media worden we overspoelt met ‘fake news’, samenzweringstheorieën, en ‘alternatieve feiten’. Is dat problematisch? Waar komt fake news vandaan? Waarom is men er zo bevattelijk voor? Hoe zouden we het dit moeten tegengaan? En kan de filosofie hier iets aan bijdragen? Over deze en andere vragen een debat tussen 3 Nederlandse filosofen: Fleur Jongepier (University of Cambridge), Jeroen de Ridder (Vrije Universiteit) en Jan Broersen (Universiteit Utrecht). De deelname van Hans Radder is komen te vervallen. Moderator is Niels van Miltenburg (UU).

 

Klimaatverandering: Neelke Doorn, Marc Davidson, Appy Sluijs
In dit debat, geleid door Petra van der Kooij (UU) gaan Neelke Doorn, Marc Davidson en Appy Sluijs in debat over actuele filosofische vragen rondom klimaatverandering. Neelke Doorn is hoogleraar ‘ethics of water engineering’ en Socrates-hoogleraar ‘Humanisme in relatie tot techniek en klimaatverandering’, beide aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft. Marc Davidson is bijzonder hoogleraar ‘Filosofie van duurzame ontwikkeling vanuit humanistisch perspectief’ aan Maastricht University. Daarnaast is hij onderzoeker en docent op het grensvlak van milieu-ethiek en milieueconomie aan de Universiteit van Amsterdam, met als specifieke werkvelden klimaatbeleid en bescherming van de mondiale biodiversiteit. Appy Sluijs (foto rechts: Ed van Rijswijk; UU) is hoogleraar paleoceanografie aan de Universiteit Utrecht, bij het Departement Aardwetenschappen. Hij doceert bij de opleidingen Aardwetenschappen en Biologie. Zijn onderzoek richt zich op veranderingen in ecologie en klimaat in het geologische verleden.


Democratie:  Nanda Oudejans, Annelien de Dijn en Joel Anderson
Een debat over actuele ontwikkelingen en uitdagingen van de democratie onder leiding van Yara Al Salman (UU). Filosoof Nanda Oudejans is universitair docent rechtsfilosofie aan de Universiteit Utrecht en is vooral geïnteresseerd in maatschappelijke vraagstukken die de grenzen van recht en democratie opzoeken zoals irreguliere immigratie, asiel, geweld en onrecht. Zij promoveerde in 2011 cum laude op het proefschrift Asylum. A Philosophical Inquiry into the International Protection of Refugees waarvoor zij meerdere prijzen won. Annelien de Dijn (UU) doet onderzoek naar de interactie tussen politiek en ideeën in de moderne tijd. Haar onderzoek vertrekt vanuit de vaststelling dat hedendaagse politieke systemen en praktijken niet toevallig tot stand zijn gekomen. Om de politieke wereld waarin we vandaag leven te begrijpen, moeten we ook de denkbeelden en beweegredenen in kaart brengen van de historische actoren die aan de grondslag lagen van de moderne politiek. Joel Anderson is universitair hoofddocent filosofie aan het Ethiek Instituut (UU) en is gespecialiseerd op onderwerpen rond politieke theorie, wijsgerige antropologie, kritische sociaaltheorie en ethiek. Zijn onderzoek richt zich op de vraag hoe instituties de autonomie van mensen kunnen faciliteren op een niet-paternalistische manier. Hij heeft een NWO-project geleid over “Stemhulpen en de politiek van burgercompetentie”. Hij houdt zich ook bezig met politieke inclusie van mensen met een verstandige beperking.


STADSWANDELING


Paul Ziche: Filosofische stadswandeling

Is de “stad” dé plek bij uitstek voor filosofie? Deze korte stadswandeling met als gids filosoof Paul Ziche (UU) gaat op zoek naar

  • Sporen van filosofie in de binnenstad van Utrecht: Waar hebben gezaghebbende filosofen geleefd en gewerkt? Hoe beïnvloedde universiteit en stad elkaar in de beginjaren van onze universiteit? (En hoe werkt dat eigenlijk vandaag de dag?)
  • Waar zien we filosofische concepten terug in de architectuur en het layout van de stad? Hoe, bijvoorbeeld, worden idealen van “moderniteit” ingebed in een oude stadsstructuur?
  • Hoe kun je, filosofisch, grip krijgen op het fenomeen “stad”? Hoe kun je het verschil tussen “stad” en “landschap” filosofisch zien te begrijpen? Wat is er bijzonder aan de manier van bewegen in de stad, vergeleken met andere vormen van bewegen? Wat is de “ritme” van een stad?

Filosofen in de stad, filosofie in de stad, filosofie van de stad: wij zullen deze dimensies van een interactie stad-filosofie al wandelend en kijkend naar specifieke gebouwen, en naar de “stad” in het algemeen, gaan verkennen.

 

LEZINGEN

Daniel Cohnitz: The Truth Is Out There – On the (social) epistemology of conspiracy theories (Engelstalig)

Conspiracy theories seem to be on the rise and also seem to play an increasing role in public political discourse. This development is problematic for a variety of reasons, most importantly because widespread belief in conspiracy theories will undermine central institutions of open societies. One of the central questions that will need to be answered here if we hope to find out why conspirational thought is recently gaining such support and to find out how to respond to it, is the following: what mindset leads to the belief in conspiracy theories? In this talk Daniel Cohnitz (Universiteit Utrecht) wants to explain how philosophy, and epistemology in particular is essential for understanding the phenomenon and for developing a strategy to deal with the harmful kind of conspirational thought.


Joachim Nieuwland: Dierethiek

Dieren fascineren Nieuwland (Universiteit Utrecht) mateloos: “Ik deel deze fascinatie overduidelijk met anderen gezien de populariteit van ‘funny cat movies’ op YouTube, maar het is niet overdreven als ik stel dat dieren centraal staan in mijn dagelijkse werk. Eerst was ik vooral bezig (vanuit diergeneeskundig perspectief) om te begrijpen hoe dieren in elkaar zitten, wat er precies gebeurt als ze ziek worden en hoe je ze beter kan maken. Deze vragen maakten op den duur plaats voor de vraag hoe we eigenlijk met dieren behoren om te gaan. Ik was ten prooi gevallen aan de filosofie, in het bijzonder ethiek en politieke filosofie. Een Master Filosofie bleek een opstap naar het schrijven van mijn proefschrift aan de Universiteit van Leiden over een rechtvaardige verdeling van gezondheid over soortgrenzen heen. Het vragen-stellen-over-dieren heeft me uiteindelijk weer terug gebracht bij de Faculteit Diergeneeskunde, hier in Utrecht, waar ik les mag geven over ethiek en me binnen het Centre for Sustainable Animal Stewardship kan buigen over de vraag wat te doen met dieren die als plaag worden beschouwd.”


Femke Kaulingfreks: Straatpolitiek

In deze lezing geeft Femke Kaulingfreks een introductie in het fenomeen ‘straatpolitiek’. Jongeren voelen zich steeds minder vertegenwoordigd in de politiek. Daarom zoeken zij hun toevlucht tot andere manieren om hun onvrede te uiten en maatschappelijk onrecht aan de kaak te stellen. Filosofe en antropologe Kaulingfreks laat zien dat veel van hun handelingen wel degelijk politiek geduid kunnen worden, ook al beschouwen buitenstaanders ze vaak niet als politiek betekenisvol. Deze nieuwe vormen van maatschappelijk engagement ontstaan veelal op straat of op internet. Van rappers en straatvloggers tot rellende jongeren in buitenwijken en geradicaliseerde jonge moslims, allemaal bedrijven zij een vorm van ‘straatpolitiek’: door zich af te zetten tegen de politieke orde eisen zij een stem op in het maatschappelijk debat. Aan de hand van het werk van grote hedendaagse filosofen als Michel Foucault, Jacques Rancière en Jean-Luc Nancy laat Kaulingfreks zien hoe hun controversiële en verstorende praktijken politiek geduid kunnen worden. Zo laat ze het politieke engagement van jongeren zien, buiten het stemhokje en de politieke partijen om.
Femke Kaulingfreks is politiek filosofe en antropologe. Voor haar proefschrift over ontregelende politiek deed zij uitgebreid veldonderzoek in sociaal achtergestelde wijken in Nederland en Frankrijk. In november 2017 kwam haar boek Straatpolitiek uit bij Uitgeverij Boom. Vanaf maart 2018 werkt ze als lector “Jeugd en Samenleving” aan Hogeschool Inholland.


Dascha Düring:
Chinese en Westerse perspectieven op moderniteit

Wat is moderniteit? In het Westen wordt ze vaak geassocieerd met een bepaalde vorm van samenleving, die een liberaal-democratische regeringsvorm heeft en waarin burgers het recht en privilege hebben om op gelijkwaardige wijze over verschillende vrijheden en ook financiële en technologische diensten te beschikken. In China wordt dit fundamenteel betwist. Wat het Westen onder moderniteit verstaat, menen velen, is inderdaad een typisch Westers begrip: een dat China is opgelegd, en nu de Volksrepubliek als internationale grootmacht op eigen benen kan staan, een dat haar rivaal moet krijgen in de vorm van de zogenoemde ‘moderniteit op Chinese termen’. Een moderniteit die in Chinese waarden gegrond is, en een radicaal tegenovergesteld perspectief biedt op hoe wij de menselijke samenleving zouden kunnen vormgeven – in het heden, maar ook in de toekomst. Maar wat is zo’n moderniteit op Chinese termen? Wat zou ze precies inhouden? En bovendien, hebben we überhaupt goede redenen om te denken dat verschillende culturen inderdaad radicaal tegenovergestelde begrippen van moderniteit hanteren?

In deze lezing gaat Dascha Düring (Universiteit Utrecht) in op de vraag naar moderniteit als centraal twistpunt in de ontmoeting tussen Chinese en Westerse filosofische perspectieven, waarin ze de kritiek vanuit China op de manier waarop het Westen haar samenleving heeft georganiseerd als inspiratiebron neemt om de vraag te stellen wat ‘moderniteit’ in een globaliserende wereld zou kunnen betekenen.


Jesse Mulder:
De versnippering van ons denken

Kunnen we de wereld zo begrijpen dat daarbinnen plaats is voor zo’n merkwaardig wezen als de mens? Dat blijkt verrassend moeilijk, te meer daar we tegenwoordig nogal versnipperen in ons denken. In onze dagelijkse omgang met de wereld nemen we de dingen gewoon zoals ze zich voordoen, maar tegelijk citeren we graag wetenschappelijk gestaafde uitspraken die die dagelijkse omgang als illusoir bestempelen. En als het om minder grijpbare thema’s gaat zijn we juist weer geneigd te zeggen dat ieder zijn eigen waarheid heeft. Met wat gedisciplineerde reflectie op deze versnippering in ons denken gaan we op zoek naar een uitweg uit dit doolhof, en leggen we de fundamenten voor een menselijke wereldbeschouwing.

Jesse Mulder is Universitair docent filosofie in Utrecht. In 2014 promoveerde hij op dissertatie, Conceptual Realism, over de structuur van metafysisch denken, met bijzondere aandacht voor (anti)realisme, individuatie, essentie, tijd, modaliteit, causaliteit, en leven. In 2017 ontving hij een NWO VENI beurs voor een vier jarig onderzoek naar onder meer de plaats van de mens binnen het wetenschappelijk wereldbeeld.

Rob van Gerwen: Respect en aankijken. Interne waarnemers in de kunst.

In een recente film zegt James Baldwin dat problemen als racisme alleen verholpen kunnen worden als we “face the other”: we moeten de ander zien. Dit is volgens Rob van Gerwen wat mensen doen als ze elkaar aankijken—in elkaars aanwezigheid dus. Je kunt de ander niet zien via een foto, die louter een stilstaande uitsnede geeft. Maar het gaat hem om kunst. Van Gerwen bespreekt daar voorbeelden van en betoogt dat interne waarnemers (in schilderijen en films) de scene als het ware omwille van de beschouwer “zien”. Zij zijn aanwezig in die afgebeelde scene (die wij alleen kunnen observeren) en zien de werkelijkheid van binnen in die werkelijkheid. Ook personages (hoewel ze fictioneel zijn en dus eigenlijk niet bestaan) kijken elkaar voor ons aan, wat ons in staat stelt die anderen te zien zoals Baldwin het bedoelt. Die blikken zijn authentiek, en dat komt doordat als acteurs elkaar aankijken ze dat authentiek doen (anders zou de camera hun blik als “fake” ontmaskeren) terwijl de inhoud van wat zij zien, wordt ingevuld door de film en daarom voor ons beschikbaar is. Conclusie: we moeten elkaar zien, we moeten elkaar aankijken (niet observeren); goede kunst helpt ons daarbij.

KOMT TE VERVALLEN – Beate Rössler: Autonomie en het vervulde leven (interview)

Julia Hermann gaat met Beate Rössler (Universiteit van Amsterdam) in gesprek over haar boek Autonomie – Een Essay over het vervulde leven, dat kort voor de Utrechtse Dag van de Filosofie in het Nederlands verschijnt bij uitgeverij Boom. De originele Duitse uitgave (Autonomie – Ein Versuch über das gelungene Leben, uitgegeven door Suhrkamp) is al een groot succes. Wanneer en in hoeverre zijn wij autonoom in ons handelen en de wijze waarop wij leven? Dat is de centrale vraag van dit boek. Wij gaan er gewoonlijk vanuit dat wij autonoom zijn. Bovendien denken wij dat een leven waarin wij gedwongen zijn om belangrijke dingen tegen onze eigen wil te doen geen geslaagd leven kan zijn. Echter is het wel zo dat wij talrijke aspecten van ons leven niet zelf bepalen. Dat geldt voor veel sociale relaties, maar ook voor situaties waar wij ons zomaar in vinden. In haar boek verkent Rössler de spanning tussen ons normatieve zelfbegrip en de ervaringen die wij maken wanneer wij proberen om een autonoom leven te leiden. Daarbij grijpt zij onder andere terug op literaire teksten van auteurs zoals Siri Hustvedt en Jane Austen, en op dagboeken, bijvoorbeeld van Franz Kafka en Max Frisch.